Een Romeinse hoofdman klaagt bij Jezus dat er zoveel wreedheid is. Vooral die wreedheid in de natuur. Op hele aarde is niets dan vijandschap en nog eens vijandschap. Het ene dier is de vijand van de andere en dat gaat zo door tot aan de mens, die tenslotte nog de grootste vijand is van alle andere dingen en wezens. Zelfs zijn eigen soortgenoten ontziet de mens niet. De Romein vraagt zich af waarom God niet voor ander aards voedsel had kunnen zorgen. Ossen, paarden, koeien, ezels, geiten en schapen voeden zich bijvoorbeeld met gras. Hoe kan nu een alwijze, algoede en almachtige God plezier scheppen in het feit dat schepselen die Hij zelf geschapen heeft, elkaar voortdurend doden en opvreten?

Ontwikkeling van de ziel

De hemelse Vader geeft een heel mooi antwoord op deze vraag. Daarbij schetst Hij in het kort een proces dat wij kennen als de evolutieleer van Darwin. Bij Darwin gaat het echter uitsluitend om het lichamelijke niveau, terwijl de werkelijke evolutie de samenvoeging van zielenpartikels van mineralen, planten en dieren betreft. De parallel is overduidelijk, maar het grote verschil is dat zielenenergieën fijnstoffelijk zijn en bovendien is de evolutie beslist geen willekeurig proces, zoals de wetenschap beweert.

Verder lezen …

Bijbel

Het is moeilijk om uit de chaos van de hel te komen! De trotse keert terug naar zijn trots, de luie naar zijn luiheid, de jaloerse naar zijn jaloezie, de vrek naar zijn gierigheid, de leugenaar naar de leugen, de wrede naar de wreedheid, de moordenaar naar het moorden, enzovoorts. (Jakob Lorber in: Van de hel tot de hemel 2, 227:2-3).

Liefde

Hoe kan een God van liefde zo wreed zijn en dood en verderf toelaten? Dat wordt door velen gezien als geen liefde, maar als Zijn toorn, Zijn boosheid over al wat geen liefde is, in de betekenis die mensen op aarde aan boos zijn geven. Maar die betekenis heeft ‘Gods toorn’ niet. Zijn ‘toorn’ is zijn onveranderlijke wil. (naar HB 4769)

De liefde is lankmoedig en zij is vol goedheid, maar niet afgunstig. Liefde handelt niet lichtvaardig en zij is niet opgeblazen. De liefde maakt dus geen tumult, veroorzaakt geen verstoring en zij zoekt zichzelf niet. Zij wordt niet verbitterd en denkt geen kwaad. Verblijdt zich niet in de ongerechtigheid, maar zij verblijdt zich in de waarheid. De liefde bedekt alle dingen, want zij gelooft alle dingen, hoopt alle dingen en zij verdraagt alle dingen. (1 Korinthe 13)

Verder lezen …